Plan een gesprek

Regels en privacy

De treeknormen uitgelegd: wat 4 en 10 weken betekenen voor uw praktijk

De treeknorm is de maximaal aanvaardbare wachttijd in de zorg: vier weken tot de intake, tien weken van intake tot behandeling. Waar komen die termijnen vandaan en wat doet u ermee?

4 september 2026

Regels en privacy

Wie over wachttijden in de ggz leest, komt al snel de term treeknorm tegen. Het klinkt als een wet, maar dat is het niet: het is een afspraak tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars over wat een aanvaardbare wachttijd is. Voor uw praktijk zijn twee getallen relevant: vier weken en tien weken.

Waar de normen vandaan komen

De treeknormen danken hun naam aan landgoed Den Treek, waar zorgpartijen in 2000 afspraken maakten over aanvaardbare wachttijden in de zorg. Voor de ggz is de afspraak: maximaal veertien weken tussen de eerste aanmelding en de start van de behandeling. Die veertien weken zijn opgeknipt in twee delen.

  • De aanmeldwachttijd: maximaal vier weken tussen het eerste contact en de intake.
  • De behandelwachttijd: maximaal tien weken tussen de intake en de start van de behandeling.

De normen zijn geen wettelijke maximumtermijnen met een sanctie erop. Ze zijn wel de maatstaf waarmee de NZa, verzekeraars en de inspectie naar wachttijden kijken, en de lat waaraan uw eigen wachttijd wordt afgemeten.

Hoe de praktijk ervoor staat

De afstand tussen norm en werkelijkheid is fors. Uit de informatiekaart van de NZa van oktober 2024 blijkt dat ongeveer een derde van de plekken voor een aanmeldgesprek binnen de vierwekennorm viel. Voor de behandelwachttijd lag het beeld iets gunstiger: ruim zes op de tien plekken binnen de tienwekennorm. Landelijk stonden er in die telling bijna 109.000 wachtplekken open.

Dat betekent twee dingen voor een individuele praktijk. Ten eerste: een wachttijd boven de norm is eerder regel dan uitzondering, u bent geen uitzonderlijk geval. Ten tweede: juist omdat de normen zelden worden gehaald, valt een praktijk die zijn wachttijd eerlijk bijhoudt en helder communiceert positief op bij verwijzers en cliënten.

Hoe u uw eigen wachttijd meet

De aanmeldwachttijd begint bij het eerste contact, niet bij de intake die u inplant. Wie de wachttijd berekent vanaf het moment dat het dossier compleet is, rekent zichzelf rijk. Een werkbare aanpak:

  1. Noteer bij elke aanmelding de datum van het eerste contact.
  2. Meet de aanmeldwachttijd als het aantal weken tussen dat eerste contact en de eerstvolgende intakeplek die u kunt bieden.
  3. Meet de behandelwachttijd als de tijd tussen intake en de eerste behandelafspraak.

Een lijst die deze datums vastlegt maakt het rekenwerk triviaal. Houdt u de wachtlijst bij in de mailbox en een spreadsheet, dan ontbreken die datums vaak juist. In ons artikel daarover leest u waar dat misgaat.

Als de norm niet haalbaar is

Een wachttijd boven de treeknorm is geen overtreding, maar vraagt wel iets van u:

  • Vermeld de actuele wachttijd op uw website, zodat cliënten en verwijzers weten waar ze aan toe zijn.
  • Wijs wachtenden op zorgbemiddeling. Wie langer moet wachten dan de treeknorm, kan de eigen zorgverzekeraar vragen om te bemiddelen naar een aanbieder met plek. Veel cliënten kennen die route niet; u helpt ze door hem te noemen.
  • Houd contact tijdens het wachten. Een bericht op de juiste momenten scheelt onrust en telefoontjes. Hoe u dat aanpakt, met voorbeeldzinnen, staat in ons artikel over communiceren met wachtenden.

Wij bouwen aan Bina om dit soort werk te verlichten: een wachtlijst die de datums vastlegt waar de treeknorm om vraagt, en statuscommunicatie die vanzelf loopt. Benieuwd hoe dit er bij u uitziet? Vertel het ons via de vragenlijst.

Plan een gesprek met ons

Verder lezen